
De autofiscaliteit in de vennootschapsbelasting is de voorbije jaren ingrijpend hervormd. Anno 2026 zijn de spelregels definitief: wie als vennootschap een nieuwe wagen met CO₂-uitstoot aanschaft, kan die kosten fiscaal volledig vergeten. Maar er is meer te vertellen. Van het uitdoofscenario voor bestaande wagens over de dalende aftrek voor elektrische voertuigen tot de impact op het verlaagde VenB-tarief: we zetten alles overzichtelijk voor u op een rij.
De harde grens van 1 januari 2026
De wet van 25 november 2021 legde de fundamenten van de huidige autofiscaliteit. De kern is ondertussen welbekend: vanaf aanslagjaar 2027 — verbonden aan een belastbaar tijdperk dat ten vroegste aanvangt op 1 januari 2026 — geldt als hoofdregel dat beroepskosten van voertuigen met CO₂-uitstoot niet langer aftrekbaar zijn in de vennootschapsbelasting.
Concreet betekent dit: elke nieuwe wagen die uw vennootschap aankoopt, least of huurt vanaf 1 januari 2026 en die CO₂ uitstoot — of het nu gaat om een benzine-, diesel- of plug-in hybridewagen — is fiscaal volledig niet-aftrekbaar. Geen overgangsregeling, geen uitzondering.
Wat met uw bestaande wagen? Het uitdoofscenario in detail
Wie al vóór 2026 een wagen aankocht, wordt niet van de ene dag op de andere afgestraft. De wetgever voorzag in een getrapt uitdoofscenario, afhankelijk van het moment van aankoop.
Aangeschaft vóór 1 juli 2023
Voor wagens die werden gekocht, geleased of gehuurd vóór 1 juli 2023, blijft de vertrouwde gramformule van toepassing voor de volledige gebruiksduur:
120% − (0,5% × brandstofcoëfficiënt × CO₂-uitstoot in g/km)
De minimale aftrekbaarheid bedraagt 50% en de maximale 100% (met uitzondering van wagens met een uitstoot van 200 g CO₂/km of meer, waarvoor een aftrek van 40% geldt). Deze regeling blijft gelden zolang u de wagen beroepshalve gebruikt.
Aangeschaft tussen 1 juli 2023 en 31 december 2025
Voor wagens die in deze periode werden aangeschaft, geldt een stelselmatig uitdoofscenario. De gramformule wordt nog toegepast, maar de maximale aftrekbaarheid wordt jaar na jaar afgebouwd:
| Aanslagjaar | Belastbaar tijdperk | Maximale aftrek |
|---|---|---|
| 2026 | Vanaf 1 januari 2025 | 75% |
| 2027 | Vanaf 1 januari 2026 | 50% |
| 2028 | Vanaf 1 januari 2027 | 25% |
| 2029 | Vanaf 1 januari 2028 | 0% |
Vanaf aanslagjaar 2026 is er bovendien geen minimale aftrekbaarheid meer op grond van de gramformule.
Plug-in hybrides: één extra aandachtspunt
Voor hybride wagens gelden dezelfde uitdoofregels als hierboven beschreven. Er is echter één bijzonderheid: de specifieke bepaling voor
valse hybrides blijft van toepassing. Het gaat om hybridewagens waarbij de elektrische batterij een energiecapaciteit heeft van minder dan 0,5 kWh per 100 kg wagengewicht, of die een uitstoot hebben van meer dan 75 g CO₂/km (drempel verhoogd vanaf 1 januari 2025 voor voertuigen berekend volgens de Euro 6e-bis norm of later). Voor deze wagens wordt niet de officiële CO₂-uitstoot in rekening gebracht, maar de hogere uitstoot van de overeenstemmende niet-hybrideversie.
Daarnaast geldt voor plug-in hybrides die werden aangeschaft, gehuurd of geleased tussen 1 januari 2023 en 30 juni 2023 dat de brandstofkosten steeds voor maximaal 50% aftrekbaar zijn.
Elektrische wagens: 100% aftrekbaar, maar niet voor altijd
Volledig elektrische wagens en waterstofvoertuigen blijven fiscaal aantrekkelijk, maar ook hier is een geleidelijke daling ingezet. Het aftrekpercentage wordt bepaald door het jaar van aankoop en blijft vervolgens vast voor de volledige gebruiksduur van het voertuig.
| Jaar van aankoop of lease | Aftrekbaarheid (voor volledige gebruiksduur) |
|---|---|
| Vóór 1 januari 2027 | 100% |
| 2027 | 95% |
| 2028 | 90% |
| 2029 | 82,5% |
| 2030 | 75% |
| Vanaf 2031 | 67,5% |
Een elektrische wagen die u in 2026 bestelt, blijft dus 100% aftrekbaar — ook in 2030 en daarna. Dat maakt 2026 een interessant aanschafmoment voor wie de overstap naar elektrisch overweegt.
Het voordeel van alle aard: elektrisch loont ook hier
Het voordeel van alle aard (VAA) voor de bedrijfsleider of werknemer die de wagen privé gebruikt, wordt berekend via de bekende formule:
VAA = cataloguswaarde × 6/7 × ouderdomspercentage × CO₂-percentage
Voor inkomsten 2026 gelden de volgende parameters:
| Parameter | Waarde |
|---|---|
| Referentie-CO₂ benzine/LPG | 70 g/km |
| Referentie-CO₂ diesel | 58 g/km |
| Basis CO₂-percentage | 5,5% (min. 4%, max. 18%) |
| Correctie | ±0,1% per gram boven/onder referentie |
| Minimum VAA | € 1.690/jaar |
Voor een volledig elektrische wagen bedraagt het CO₂-percentage steeds het minimum van 4%. Ter vergelijking: een nieuwe elektrische wagen met een cataloguswaarde van € 60.000 geeft een VAA van circa € 2.057 per jaar. Een benzinewagen van dezelfde waarde met 120 g/km CO₂ geeft een VAA van circa € 4.752 per jaar — meer dan het dubbele.
Opgelet: het VAA en de 20%-grens in de vennootschapsbelasting
Vanaf 2026 is er een nieuwe spelregel die u als bedrijfsleider van een kleine vennootschap niet mag missen. Forfaitair gewaardeerde voordelen van alle aard — waaronder het VAA voor de bedrijfswagen — tellen voortaan mee voor de 20%-grens in het kader van de bezoldigingsvoorwaarde voor het verlaagd VenB-tarief van 20%.
Concreet: de forfaitaire VAA mogen maximaal 20% van uw jaarbezoldiging bedragen. Een dure elektrische wagen kan dus — ondanks de fiscale aftrekbaarheid — de toegang tot het verlaagd tarief in gevaar brengen. Dit is een element dat absoluut mee moet worden opgenomen in uw verloningstrategie.
Laadinfrastructuur: vergeet de fiscale voordelen niet
De wetgever voorziet ook in fiscale stimuli voor de uitbouw van laadinfrastructuur:
- Laadpaal bij de werknemer of bedrijfsleider thuis: de kosten zijn aftrekbaar als autokosten. Er is geen bijkomend VAA verschuldigd, op voorwaarde dat aan de voorwaarden is voldaan (smart charger, communicatiesysteem en car policy).
- Laadpaal op de bedrijfslocatie: kan in aanmerking komen voor de gewone investeringsaftrek.
- CREG-tarief: werkgevers mogen thuislaadkosten permanent terugbetalen via het forfaitaire CREG-tarief. Dit is inmiddels een definitieve regeling.
De 5 sleutelpunten voor uw vennootschap in 2026
| # | Situatie | Conclusie |
|---|---|---|
| 1 | Nieuwe fossiele wagen (benzine/diesel) in vennootschap | 0% aftrekbaar — definitief |
| 2 | Nieuwe plug-in hybride in vennootschap | 0% aftrekbaar (enkel in de personenbelasting nog deels aftrekbaar) |
| 3 | Elektrische wagen besteld vóór 1 januari 2027 | 100% aftrekbaar voor de volledige gebruiksduur |
| 4 | VAA elektrisch vs. fossiel | Elektrisch levert een significant lager VAA op (4% vs. tot 18%) |
| 5 | VAA telt mee voor de 20%-grens VenB | Max. 20% van de jaarbezoldiging — bewust plannen is de boodschap |
Wat betekent dit concreet voor u?
De autofiscaliteit in de vennootschapsbelasting is anno 2026 geen grijs gebied meer. De regels zijn duidelijk, de grenzen zijn getrokken en de overgangsperiodes lopen gestaag af. Of u nu nadenkt over de vervanging van uw huidige bedrijfswagen, de overstap naar elektrisch overweegt of wil nagaan hoe uw wagenpolitiek uw VenB-tarief beïnvloedt: een doordachte aanpak loont.
Bij TaxCalCul begeleiden wij ondernemers in de regio Antwerpen en het Waasland dagelijks bij dit soort fiscale vraagstukken. We denken proactief met u mee en helpen u de juiste beslissingen te nemen — op maat van uw situatie en uw onderneming.
Wilt u weten wat de nieuwe autofiscaliteit concreet betekent voor uw vennootschap? Neem gerust contact op met ons team voor een persoonlijk adviesgesprek.
Disclaimer: Dit artikel is informatief van aard en gebaseerd op de wetgeving zoals van kracht op de publicatiedatum. De fiscale regelgeving kan wijzigen. Raadpleeg steeds een erkend boekhouder of fiscaal adviseur voor advies op maat.



