Je handelsfonds verhuren aan je vennootschap: slim of riskant?
17 augustus 2026

Als ondernemer wil je je inkomsten zo efficiënt mogelijk structureren. Dat is niet alleen logisch, het is ook gewoon goed ondernemerschap. Eén van de technieken die daarbij opduikt, is het verhuren van je handelsfonds aan je eigen vennootschap. Maar wat houdt dat precies in, en hoe kijkt de fiscus daarnaar? Een recent arrest van het Hof van Beroep in Antwerpen (3 maart 2026) geeft ons een aantal belangrijke antwoorden.

Wat een handelsfonds?


Je handelsfonds is in essentie alles wat jouw onderneming draaiende houdt: je klantenbestand, je handelsnaam, je goodwill, maar ook tastbare zaken zoals inrichting en voorraad. Kortom, de som van alle middelen waarmee je je zaak uitbaat.


Sommige ondernemers kiezen ervoor om die activa privé te houden en ze tegen een vergoeding ter beschikking te stellen aan hun vennootschap. Die vergoeding wordt dan in principe belast als roerende inkomsten — fiscaal een stuk gunstiger dan een klassieke bezoldiging of beroepsinkomsten.


De fiscus is niet meteen overtuigd


Dat fiscale voordeel is precies wat de fiscale administratie argwanend maakt. Zij vermoedt al snel dat zulke constructies louter worden opgezet om belastingen te drukken, en probeert de inkomsten dan ook te herkwalificeren — als bezoldiging van een bedrijfsleider of als beroepsinkomsten. In beide gevallen betaal je aanzienlijk meer.


Maar een herkwalificatie is geen automatisme. De fiscus moet kunnen bewijzen dat de juridische werkelijkheid niet overeenstemt met wat er op papier staat. Denk aan simulatie of fiscaal misbruik. Zonder dat bewijs staat hij juridisch zwak.


Wat speelde er concreet?


In de zaak die aanleiding gaf tot het arrest van 3 maart 2026, verhuurde een ondernemer zijn handelszaak aan zijn eigen vennootschap en gaf hij de ontvangen vergoedingen aan als roerende inkomsten. De fiscus was het daar niet mee eens en legde bijkomende aanslagen op voor de inkomstenjaren 2017 en 2018, door de inkomsten te beschouwen als bezoldiging van een bedrijfsleider.


De ondernemer vocht dat aan. En won — zowel in eerste aanleg als voor het Hof van Beroep.


Wat leren we uit dit arrest?


Het Hof van Beroep in Antwerpen was duidelijk in zijn redenering. We zetten de vier belangrijkste vaststellingen op een rij.


De constructie zelf is juridisch toegestaan


Er bestaat geen wettelijke bepaling die verhuur van een handelsfonds aan de eigen vennootschap verbiedt. Het Hof bevestigt dit zonder voorbehoud.


Geen bewijs van simulatie, geen herkwalificatie


De fiscus kon niet aantonen dat de overeenkomst iets anders verborg dan wat er in stond. Dat is een fundamentele vereiste voor een herkwalificatie — en die vereiste werd hier niet ingevuld.


Het attractiebeginsel heeft zijn grenzen


De fiscus probeerde ook het attractiebeginsel in te roepen, waarbij inkomsten van bedrijfsleiders automatisch als beroepsinkomsten worden beschouwd. Het Hof maakte korte metten met die redenering: het beginsel geldt niet wanneer de ondernemer zijn activiteit heeft stopgezet en uitsluitend nog als verhuurder optreedt.


Ook de alternatieve piste van de fiscus hield geen stand


Een tweede poging om de inkomsten als beroepsinkomsten te beschouwen, werd eveneens verworpen wegens onvoldoende onderbouwing.


En wat leverde dat de ondernemer op?


De financiële uitkomst was concreet: de bijkomende aanslagen werden vernietigd, de betaalde bedragen worden teruggestort en de ondernemer ontvangt bovendien moratoriuminteresten. Een duidelijk signaal dat een goed uitgewerkte structuur ook bij een fiscale aanvechting standhoudt.


Vier voorwaarden om dit correct te doen


Dit arrest is goed nieuws — maar het is geen vrijgeleide. Elke situatie staat of valt met de concrete invulling. Wie deze piste overweegt, moet minstens aan de volgende voorwaarden voldoen.


1. Werk met een marktconforme huurprijs

De vergoeding moet realistisch zijn. Wat zou een onafhankelijke derde in dezelfde situatie betalen? Dat is de maatstaf. Overdreven of kunstmatige prijzen trekken onmiddellijk de aandacht.


2. Leg alles schriftelijk vast

Een degelijk en gedetailleerd contract is geen luxe, het is een noodzaak. Omschrijf daarin de inhoud van het handelsfonds, de looptijd, de vergoeding en de verantwoordelijkheden van beide partijen.


3. Stop effectief met je activiteit

Dit is het meest onderschatte aandachtspunt. Verhuur je je handelsfonds maar oefen je ondertussen dezelfde activiteit verder uit? Dan beschouwt de fiscus de inkomsten al snel als beroepsinkomsten. De stopzetting moet reëel en aantoonbaar zijn.


4. Zorg voor een economische logica

De structuur mag niet enkel fiscaal gedreven zijn. Ze moet ook economisch verdedigbaar zijn — en dat moet je kunnen aantonen als de fiscus erom vraagt.


Is dit het laatste woord?


Nog niet helemaal. De Belgische Staat kan nog cassatieberoep instellen, waarna het Hof van Cassatie zich eventueel over deze materie uitspreekt. Tot die definitieve duidelijkheid er is, blijft een zorgvuldige en goed gedocumenteerde aanpak de enige verstandige weg.


Onze visie


Dit arrest bevestigt iets wat wij bij TaxCalCul al langer verdedigen: fiscale optimalisatie is mogelijk, zolang ze correct en transparant wordt aangepakt. De fiscus kan niet zomaar herkwalificeren op basis van vermoedens — hij moet bewijzen leveren.


Tegelijk zien wij in de praktijk dat zulke constructies regelmatig fout lopen door een gebrekkige uitwerking: een contract dat niet klopt, een huurprijs die niet te verantwoorden valt of een activiteit die nooit echt werd stopgezet. Kleine details met grote fiscale gevolgen.


Overweegt u deze structuur, of wilt u weten of ze voor uw situatie zinvol is? Wij analyseren uw


situatie en begeleiden u van A tot Z — zodat u met vertrouwen beslist. Neem vrijblijvend contact op met ons kantoor in Edegem of Sint-Niklaas.

door TaxCalCul 10 augustus 2026
Je bouwt jaar na jaar aan je onderneming. Je neemt beslissingen, draagt risico's, investeert in de toekomst. Maar heb je ook nagedacht over wat er met dat opgebouwde vermogen gebeurt op de dag dat je er zelf niet meer bent?
door TaxCalCul 3 augustus 2026
Veel starters verliezen kostbare maanden door keuzes die achteraf vermijdbaar blijken. Een verkeerde rechtsvorm, onvoldoende zicht op cashflow of te vroeg willen opschalen — het zijn valkuilen die groei vertragen en geld kosten. In België komen groeiplannen vaak in het gedrang door vage financiële sturing en een gebrek aan strategische begeleiding in de beginfase. Hieronder vindt u de 7 keuzes die het verschil maken, gerangschikt op impact en uitvoerbaarheid.
door TaxCalCul 27 juli 2026
De stap van een eenmanszaak naar een vennootschap is een belangrijke beslissing. Maar wat doet u met het gebouw dat u voor uw zaak gebruikt? Verkoopt u het aan uw vennootschap, verhuurt u het, of opteert u voor een vruchtgebruik? Elke keuze heeft andere juridische en fiscale gevolgen. We zetten de drie opties voor u op een rij.
Laad meer berichten